TERUGBLIK OP EEN WERELDTIJDPERK

Geplaatst op 6 januari 2005 door Jos Martens
Rondom de wereld van de Maya blijft voor de meesten een waas van mysterie hangen. Toch is er op geen enkel ander terrein van de archeologie de kennis zo sterk veranderd als op dit gebied.
De wereld van de Maya strekt zich uit over het gehele huidige Guatemala en Belize en over delen van Mexico, Honduras en El Salvador, een gebied met een doorsnede van ongeveer 900 km van noord naar zuid en 500 km van oost naar west. Rond hun cultuur blijft voor de meesten een waas van mysterie hangen. Nochtans, op geen enkel ander terrein van de archeologie zijn kennis en ideeën binnen zeer korte tijd zo sterk veranderd als in het Maya-onderzoek. Enkele decennia geleden geloofde men nog dat de Maya vreedzame, maïs verbouwende boeren waren, die door priesters werden gemaand de hemellichamen in de gaten te houden en de tijd te vereren. Dit geïdealiseerde beeld was volkomen uit de lucht gegrepen en ontstond uit de behoefte de Maya"s te stellen tegenover de "bloeddorstige" Azteken. Nu is gebleken dat zij werden geregeerd door koningen en adel, die net zo machtswellustig en ijdel waren als alle potentaten elders in de wereld. Nog steeds valt in veel boeken te lezen dat zij eenvoudige brandrooilandbouw bedreven en uitsluitend maïs verbouwden, maar inmiddels is reeds 20 jaar bekend dat ze al sinds het Preklassiek, vormen van intensieve landbouw hadden ontwikkeld. Sterker, de hele indeling in Preklassiek, Klassiek, Postklassiek... is eigenlijk volkomen irrelevant geworden nu het begin van hun cultuur door nieuwe archeologische ontdekkingen steeds verder naar het verleden wordt geduwd.

Om een idee te geven: jarenlang hebben wij met het Instituut voor Amerikanistiek (Antwerpen) initiatiecursussen gegeven over de culturen van Meso-Amerika. Voor actualisering van de syllabus, waarvan de eerste druk uit 1982 stamt, zouden wij voor het deel over de Azteken voldoende hebben aan drie bladzijden. Het deel over de Maya dient echter volledig herschreven. Probleem was dat tot op heden geen enkel werk voorhanden was, waarin de resultaten van recente archeologische opgravingen tot een (voorlopige) synthese zijn samengebracht. De laatste uitgave van “The Mysterious Maya" van E. en G. Stuart bij National Geographic dateerde al van 1983. Er zijn natuurlijk de uitstekende werken van de betreurde Amerikaanse paleografe Linda Schele en haar medewerkers(1). Daarnaast was De Maya: bouwers van tempels en paleizen
(Time-Life 1993) een goede eerste kennismaking, maar eigenlijk met veel te weinig diepgang, bij gebrek aan omvang. En er is sinds kort ook het magistrale boek onder redactie van Nikolas Grube, “Maya. De goddelijke koningen van het regenwoud", dat reeds besproken werd in “Hermes". Met zijn keur aan internationale experts voor de afzonderlijke onderwerpen, 480 blz. vrij kleine druk en bijna drie kg gewicht vormt het een ware schatkamer waarmee je voor zorgvuldige lectuur wel enkele maanden zoet blijft. Een ideale inleiding voor beginnelingen kun je het echter moeilijk noemen.

Dure en luxueus geïllustreerde kijkboeken die elkaars inhoud eindeloos herkauwen, vind je voldoende in ons taalgebied. Wat ontbrak in het Nederlands, was een synthesewerk dat in bevattelijke taal en dito formaat zowel basisinformatie brengt voor de geïnteresseerde beginneling, als een overzicht van de vaak spectaculaire ontdekkingen uit de laatste decennia. Sebastiaan Roeling doet thans een verdienstelijke poging om deze lacune op te vullen.

Onvermijdelijk ga je veel elementen terugvinden in andere boeken. Roeling start met een situering in ruimte en tijd. Tussen 250 en 900 n.C. is het de bloeitijd van de "klassieke" Maya in Guatemala. Tegen het einde van deze periode stoppen de data op de monumenten met de "lange telling" en wordt een aantal steden in Guatemala verlaten. De tijd die hierop volgt, het Postklassiek, met steden als Chichen Itza en Tulum in Yucatán, werd tot voor kort beschouwd als een decadente vervalperiode. In feite ontwikkelde zich een erg efficiënte samenleving, niet langer gefixeerd op de verheerlijking van "goddelijke" vorstenhuizen. Hieraan kwam een einde met de aankomst van de Spanjaarden in 1519, de bloedige verovering van Guatemala en daarna Yucatán, en - vooral- de introductie van voorheen onbekende ziekten als pokken en mazelen, die de inheemse bevolking letterlijk decimeerden.

De cultuur raakt vergeten, tot in 1839 de Amerikaanse diplomaat en ontdekkingsreiziger John Lloyd Stephens en de tekenaar Catherwood de geruchtenmolen volgen en de steden een na een vinden, tekenen en bekend maken via een succesrijke reeks boeken. Stephens was er als een der weinigen van overtuigd dat de voorouders van de huidige Maya de tempelsteden hadden gebouwd en niet afstammelingen van de Egyptenaren of de "Verloren stammen Israels". Bleef er het raadselachtige hiërogliefenschrift op de monumenten en in de codices. Mayanisten dachten een "steen van Rosetta" gevonden te hebben in het "alfabet" dat Diego de Landa tekende in zijn Relación de las cosas de Yucatán. Dat klopte niet, omdat de Landa verkeerdelijk vertrok van de hem vertrouwde Europese schrijfstijl, waaraan het Mayaschrift niet beantwoordt. In 1562 laat diezelfde de Landa hele bibliotheken met Mayaboeken verbranden, een ramp zonder weerga. Slechts vier codices overleefden de vernietiging. In de 19de eeuw werden eerst de getallen en de astronomische berekeningen ontcijferd. Vooral Eric Thompson droeg in de 20ste eeuw bij tot de verspreiding van het stereotiepe beeld van de Maya als vredig volk, bezeten door tijdrekening en astronomie, een volk dat de tijd aanbad(2). Dit beeld werd versterkt toen bleek dat de piramides werkelijk een kalender in steen vormden. El Castillo in Chichén Itzá telt 365 treden en is zo gebouwd dat de lente-evening een schaduw vormt van de god Kukulcan, kronkelend langsheen de trappen.

Vlak na de Tweede Wereldoorlog treft een Russische officier, Joeri Knorosov, in de verbrande bibliotheek van Berlijn een boek met het "alfabet" van de Landa en reproducties uit enkele Maya-codices. Hieruit leidde hij af dat de Maya-gliefen een syllabisch schrift weergaven. De Sovjetautoriteiten publiceerden zijn bevindingen met veel propagandistische bombarie (het was volle Koude Oorlog), zodat vooral Thompson ze afdeed als onzin. Kort daarop vond de jonge talentvolle Tatiana Proskouriakoff in Mexico het boekje van Knorosov. Zij borduurde hierop voort en zorgde voor een nieuwe vooruitgang in de decodering van de gliefen(1). Eerdere vondsten konden plotseling correct geïnterpreteerd worden en bewezen de juistheid van zijn ontcijfering
Een definitieve doorbraak kwam er op de "Mesa Redonda" van Palenque in 1973 waar Linda Schele en anderen de theorieën van Knorosov en Proskouriakoff integreerden, wat voerde tot enkele van haar baanbrekende werken na 1985(1).

Wij zijn wat langer bij het schrift blijven stilstaan, omdat een behoorlijke bespreking van alle aspecten uit dit boekje onmogelijk is. Roeling besteedt heel wat aandacht aan de Maya-mythologie van de Popol Vuh en de kosmologie, de tijdrekening, de samenleving en de kunstvormen. Tenslotte bespreekt hij de geschiedenis van enkele machtige Maya-staten, als Tikal, Yaxchilán, Palenque, Chichén Itzá en Noj Petén (dat tot 1697 een onafhankelijke staat vormde), zoals die tegenwoordig kan gereconstrueerd worden na de ontcijfering van een groot deel der opschriften en enkele lange, multidisciplinaire opgravingen, die gedeeltelijk nog steeds voortgaan.
Het boek sluit af met een bibliografie, enkele appendices (over koolstofdatering, Maya-getallen, correlatie van de tijdrekening) en een lijst van interessante websites. Voegen wij eraan toe dat je meer informatie kunt halen op de website van Sebastiaan Roeling zelf: www.mayaweb.nl

Roeling, S., Terugblik op een wereldtijdperk. Cultuur en geschiedenis van de Oude Maya"s.
Rotterdam, Uitg. S. Roeling, 2004, 183 blz., 13,95 euro.



Noten
1. Schele, L. en M. Miller, The Blood of Kings: Dynasty and Ritual in Maya Art, William Morrow, New York, 1986.

Schele, L. en D. Freidel, A Forest of Kings. The Untold Story of the Ancient Maya, William Morrow, New York, 1992, 542 blz.

Voor de gelijknamige video van Time Life: De Maya"s. Het bloed van koningen, op
de site van de VVGL (Vlaamse Vereniging Leraren Geschiedenis)

Zie ook de video van National Geographic: Verloren Maya Koninkrijken



2. THOMPSON, E., "Maya Hieroglyphs without Tears", Londen, British Museum, 1972.

Sir Eric S. Thompson mag niet verward worden met de Amerikaan Edward Herbert Thompson (1856-1935) die in 1904 begon met duiken in de heilige cenote van Chichen Itza.

3. De rol van Stephens en Tatiana Proskouriakoff (+1988) wordt uitvoerig belicht in een knappe uitzending van National Geographic: "Code of the Maya Kings", National Geographic Channel, 16.2.2001, 45 minuten, nu ook verkrijgbaar op DVD. National Geographic op het net.


Zie ook: Coe, M. & M. Van Stone, Reading the Maya Glyphs, Londen, Thames & Hudson, 2001, 176 blz. Uitvoerige bespreking op internet.


Bericht geplaatst in: boekrecensie