KONING VAN ISRAëL

Geplaatst op 7 januari 2006 door Jeannick Vangansbeke
De belangrijkste les die Sharon van zijn vader leerde was dat een man `zijn macht moest beschermen'. Deze levensles koppelde hij aan een ambitieuze militaire en politieke carrière.
In De vacante troon van Pilatus beargumenteer ik waarom het portret van Herzl dat de Knesset domineert er eerder één is van een koning dan van een profeet. Dat heeft te maken met de kern van het zionisme.
 
Eeuwen lang waren de Joden voor hun bescherming afhankelijk van vorsten, de 20ste eeuw leerde hen niemand te vertrouwen tenzij de eigen kracht. Arik Sharon weet goed die kern te verwoorden.
 
Het was de belangrijkste les die Sharon van zijn vader leerde: dat een man `zijn macht moest beschermen'. Deze levensles koppelde Ariel Sharon aan een ambitieuze militaire en politieke carrière waarbij zijn tomeloze energie hem tot de hoogste politieke regionen bracht.
 
Maar Sharon is ook middelpunt van (inter)nationaal debat. Het was zijn gedurfde aanval op Egypte in 1956 die bevelhebber Dayan in woede deed ontsteken. In de Kippoer oorlog die de geschiedenis bijna van koers deed veranderen, was het een machteloze Sharon die besefte hoe de incompetente legerleiding bijna een ramp veroorzaakte.
 
Premier Begin stelde hij voor voldongen feiten bij de inval in Libanon in 1982. Zijn onwrikbare houding pro-Israel leverde hem vrienden en vijanden op. In België wilden sommigen hem een proces wegens genocide in Sabra en Chatila aandoen, volgens de polls was zijn terugtrekking uit Gaza in 2005 precies wat de Israeli’s wilden.

Johan Boef, werkzaam onder andere voor de Nederlandse TV, heeft de strijdmakkers en vijanden van Sharon bezocht en dat levert een unieke portret op van de grote tegenspeler van links in de Israelische politiek sinds 2000.
 
In de onafhankelijkheidsoorlog van 1948 liet hij op een haar na het leven, maar 1956 vestigde zijn reputatie. In 1977 werd hij minister van landbouw en de toeverlaat van de kolonisten.
 
Boef spreekt zich nooit echt uit, doet verslag van de perscampagnes tegen Sharon in Time bijvoorbeeld, n.a.v. Libanon en tot wat de onderzoekscommissies geleid hebben, maar oordelen is er niet bij.
 
Provoceerde Sharon de tweede Intifada? Boef besteedt liever aandacht aan de spelregels van de Israelische democratie die Netayahu verhinderden het in 2001 op te nemen tegen Barak omdat hij geen zitting had in de Knesset. Op die manier kon Sharon de uitdager worden.
 
‘Zijn tegenstanders zullen het de pragmaticus die Sharon is niet gemakkelijk maken’, besluit de auteur. Het onderstreept alleen maar de vluchtigheid van alle analyses van het Midden-Oosten: Israel mag dan wel koningen hebben, een dynastie zoals zelfs de Amerikanen hebben, is er niet…

Johan Boef, Ariel Sharon koning van Israël, Aspekt-biografie, 216 pagina's, 2005, € 16.95
Jeannick Vangansbeke, De vacante troon van Pilatus, Acco, 107 pagina’s, krt en ill., 2003, € 18

 
Bericht geplaatst in: boekrecensie