HANS KENNEPOHL: WE ZIJN NOG NOOIT ZO ROMANTISCH GEWEEST

Geplaatst op 20 mei 2014 door Reinard Maarleveld
Hans Kennepohl: We zijn nog nooit zo romantisch geweest
U had het nog niet in de gaten maar… u bent een romanticus!
Foto: Zoromantisch.nl

Althans dat beweert Hans Kennepohl in zijn boek We zijn nog nooit zo romantisch geweest. Met instemming citeert hij Isaiah Berlin die de romantiek “de grootste verandering in het westerse bewustzijn ooit heeft genoemd.”

Een uitdagende stelling.  Zeker voor mensen die de Romantiek vooral als kunststroming zien en de vertaalslag naar het dagelijks leven in het eerste kwart van de 21e eeuw niet onmiddellijk zullen maken. Toch scoort Kennepohl op dit onderdeel onmiskenbaar punten.

Om te beginnen dekt hij zich (in deel I) wijselijk in tegen kritiek door een ruime interpretatie aan het begrip romantiek (dus zonder hoofdletter) te geven.  Uit het werk van filosofen en kunstenaars van de achttiende en negentiende eeuw (Rousseau en de Duitse romantische denkers  komen het meest aan bod) destilleert Kennepohl vier romantische kernopvattingen:
1- De mens is van nature goed.
2- Ieder mens is een uniek wezen (individualisme).
3- Het “gevoel, de natuur” is bepalend voor het oordeel  van de mens over goed en kwaad.
4- De verbeelding wordt als waardevol gezien.
 
Vervolgens controleert hij (in deel II) in hoeverre die kenmerken aanwezig zijn in onze samenleving. Daarbij richt hij zich op bijvoorbeeld geboorte en dood, onderwijs, natuurbeheer, cosmetische chirurgie en spiritualiteit. 

In het hoofdstuk over geboorte beschrijft Kennepohl de strijd tussen de voorstanders van “natuurlijk” thuis bevallen en de tegenstanders daarvan. Borstvoeding en uitbreiding van het zwangerschapsverlof zijn natuurlijke processen die moeder en kind ten goede komen. De laatste decennia is het tij echter gekeerd. Thuis bevallen blijkt grotere medische risico’s met zich mee te dragen. “Voor de eerste keer en tegelijk laatste keer in dit boek  zien we dat de romantiek terrein prijsgeeft” , geeft Kennepohl (tandenknarsend?) toe.
 
In het onderwijs signaleert Kennepohl  aanpassingen op grond van de ideeën van Montessori en Dalton. Differentiatie en eigen initiatief zijn vaste waarden geworden in het onderwijs. Het sluit aan bij de romantische opvatting over de mens als uniek wezen. De kijkwijzer voor televisie wordt geduid als een romantische  poging om het onschuldige, onbedorven kind, te beschermen tegen kwade invloeden van buitenaf.  Vergelijk dat maar eens met de zestiende eeuw , zegt Kennepohl, waarin kinderen werden meegenomen naar openbare executies om het onderscheid tussen goed en kwaad te leren kennen. 

Het streven om de natuur terug te brengen in de samenleving kan ook tot dilemma’s en absurde situaties leiden. Kennepohl beschrijft de discussie rondom het natuurgebied De Oostvaardersplassen. In hoeverre moet de mens zijn handen daar helemaal van aftrekken? Mogen uitgehongerde en stervende dieren worden afgeschoten? Moeten wolven en beren worden ingevoerd om de herten natuurlijke vijanden te bezorgen? De Heckrunderen in het natuurgebied blijken nazaten van een ambitieus Nazi-fokprogramma om de in de 17e eeuw uitgestorven oeros weer te introduceren. Kunnen we deze “giant nazi-cows” nog natuurlijk noemen?

Huisdieren vormen een belangrijk onderdeel van onze romantische samenleving. We geven ze mensennamen, uitgebalanceerd voedsel  en spenderen indien nodig duizenden euro’s aan de dierenarts. Dierenmode is een volwassen bedrijfstak geworden. In 2009 waren er op de Pet Fashion Week in New York meer dan 2000 standhouders met onder meer designjasjes, hondenparfums  en een halsband met diamanten. 

Ook op andere terreinen komt Kennepohl met aansprekende voorbeelden . Hier en daar worden die voorbeelden wat te lang uitgemolken of is de bewijsvoering te veel uitgesponnen (het lied De Steen bij uitvaarten) maar de auteur lijkt het gelijk aan zijn kant te hebben: we zijn nog nooit zo romantisch geweest. 

In het derde deel van zijn boek werkt Kennepohl de stelling uit dat de romantiek ook als een vorm van emancipatie te zien is, namelijk de emancipatie van de mens als individu. Niet de maatschappelijke normen leiden het individu ( de situatie voor de romantiek) maar de mens laat zich leiden door zijn gevoel (de tegenwoordige situatie). In die context is het begrip authenticiteit van belang. De mens kan pas tot volkomen ontplooiing komen als hij op zoek gaat naar zijn authenticiteit. In die zin ligt in de romantiek de sleutel tot een gelukkig leven (al trekt Kennepohl die conclusie niet expliciet).  

De romantiek wordt in dat kader ook gepresenteerd als een verlengstuk van de Verlichting van de achttiende eeuw, dus niet als een tegenstelling of een reactie op de Verlichting. De redenering is dan dat door kennis en wetenschap (aangereikt door de Verlichting) de mens de mogelijkheid heeft gekregen zijn leven vorm te geven, maar dat hij zijn doel (het geluk) alleen kan bereiken wanneer hij zijn individualiteit (authenticiteit) centraal stelt. Dat is dan meteen de tegenstelling met het christelijk denken waarin de mens geneigd is tot het kwade en zijn energie vooral moet richten op een leven waarin eenvoud en deugd centraal staan om zodoende na de dood in de hemel te komen. 

We zijn nog nooit zo romantisch geweest is een prikkelend boek met een duidelijke stellingname. De voorbeelden die Kennepohl noemt en de verwijzingen  naar romantische auteurs en kunstenaars zijn raak. Toch is er wel het een en ander op af te dingen. 

Kennepohl winkelt wel heel selectief in de wereld van kunst en literatuur. In Homerus, Livius, Petrarca, Dante, Shakespeare, Vondel zijn heel wat romantische zaken te vinden.  Maar Kennepohl laat ze in de schappen liggen. Als hij het onderwijs bespreekt noemt hij wel de toegenomen aandacht voor de individuele leerling maar hij laat de strenge rationalistische meetlat van het ministerie van onderwijs buiten schot. Tegenwoordig wordt gedacht in “leeropbrengsten” . Ouders zoeken de best presterende school uit aan de hand van de “onderwijskaart” en wanneer het “rendement” te laag is staat al gauw de inspectie op de stoep. Kennepohl volgt een dubbele redenering bij de beroepskeuze van leerlingen. Hij signaleert dat studenten steeds vaker kiezen voor een (onromantisch)  economisch kansrijke vervolgopleiding. Dat wordt rechtgebreid door te suggereren dat studenten geïnspireerd raken door romantische vrijbuiters als Bill Gates en Richard Branson. De opmerking dat robotica in Nederland op een andere manier wordt toegepast dan in Japan lijkt me uit de lucht gegrepen. Op de TU Delft is een hele vakgroep bezig met “biologically inspired robots, with a focus on humanoid robots”. Nationalisme en romantiek gaan goed samen, maar je kunt moeilijk volhouden dat het ontstaan van nationale staten het gevolg is van de romantiek. De Bataafse mythe dateert uit een fase van de Opstand (eerste helft zeventiende eeuw). In de Patriottentijd werd het verhaal  alleen nieuw leven ingeblazen. 

Al met al een inspirerend boek dat op een heldere (maar soms controversiële) manier bewijzen aanvoert voor de stelling dat de romantiek de belangrijkste stroming in ons tijdsgewricht is. Of de bewijsvoering overtuigend is laat ik graag aan de lezer over. In ieder geval zou lezing van het boek moeten leiden tot een beter begrip van de wereld om ons heen. Kennepohl belooft zelfs nog  wat extra’s: “de romantiek kennen is uzelf kennen”. 

Hans Kennepohl
We zijn nog nooit zo romantisch geweest
229 pagina's
isbn 9789047706168
paperback
Lemniscaat
prijs €19,95

Bestel dit boek nu bij PostScriptum. Voor 23.00 besteld is morgen in huis.

Interview met Hans Kennepohl in i-Filosofie

Zoromantisch, website van Hans Kennepohl

Video van de presentatie van het boek bij Arminius met onder meer Hans Kennepohl en Maarten Doorman

 
 
Bericht geplaatst in: artikel, pas verschenen, boekrecensie