HET TIENTJE VAN LIEFTINCK: OP WEG NAAR MONETAIR EVENWICHT.

Geplaatst op 30 april 2011 door Folkert Anders
Het tientje van Lieftinck: op weg naar monetair evenwicht.
 Pieter Lieftinck kwam met een plan.
Net na de bevrijding, in mei 1945, bevond de Nederlandse economie zich aan de rand van een monetair failliet. Nadat Nederland vijf jaar lang was uitgebuit door de Duitsers was het land overstroomd met geld. In negatieve zin: de Duitsers betaalden al hun rekeningen in Nederland met waardepapieren die zij op bijna onbeperkte schaal bijdrukte. Gevolg was dat er veel te veel geld in omloop was; ongeveer vier keer zoveel als de economie aankon. Ook de inflatie en de bloei van de zwarte markt verzwakte de economie. 
 
Het Grote Veldtochtsplan
 
In de oorlog waren al plannen gemaakt hoe bovenstaande problemen na een eventuele bevrijding zouden moeten worden aangepakt. Er zou een geldzuivering moeten plaatsvinden. Deze operatie werd door de eerste naoorlogse minister van Financiën, Pieter Lieftinck, ‘Het Grote Veldtochtsplan’ genoemd. Als minister van Financiën in het eerste naoorlogse kabinet kreeg hij de vrije hand om zijn geldzuiveringsplannen door te voeren.
 
Al het papiergeld verliest zijn waarde
 
Op 6 juli 1945 verloren alle biljetten van honderd gulden hun waarde. Alle honderdjes konden naar de bank worden gebracht. Wie niet kon aantonen dat het geld op eerlijke wijze was verkregen was het geld kwijt en kon rekenen op sancties. De volgende maatregel van Lieftinck werd genomen op 26 september 1945. In een keer werd al het Nederlandse papiergeld ongeldig. Ook werden alle banktegoeden bevroren. Salarissen werden die week niet uitbetaald. Alleen het muntgeld behield zijn waarde.
 
Het Tientje van Lieftinck
 
Van 26 september tot 2 oktober 1945 moest iedereen zien rond te komen van precies tien gulden. Dit werd ook wel het Tientje van Lieftinck genoemd. Overigens was het tientje geen echt briefje van tien, maar vijf biljetten van één gilden en twee van een rijksdaalder.
 
Geen protesten
 
Vanaf 3 oktober werd al het geld dat op de bank was vastgezet geleidelijk vrijgegeven en vervangen door nieuwe, pas gedrukt bankbiljetten. Deze biljetten werden overigens in Londen gedrukt omdat in Nederland de papierschaarste enorm was. Lieftinck wilde het geld dat op de banken stond zolang mogelijk vasthouden om inflatie tegen te gaan en monetair evenwicht te bereiken. Zolang dat laatste niet was gelukt kreeg een ieder genoeg geld om van te leven. De Nederlandse bevolking accepteerde dit omdat ze inzag dat het noodzakelijk was voor de wederopbouw. Protesten van betekenis tegen de maatregelen van Lieftinck waren er dan ook nauwelijks.
 
Hernieuwd monetair venwicht
 
De gehele zuiveringsoperatie werd uiteindelijk pas in 1952 afgesloten met het deblokkeren van de laatste banktegoeden. Lieftinck heeft de gehele Nederlandse economie in zeven jaar grondig gesaneerd en versterkt. Het was hem gelukt het monetaire evenwicht te herstellen. 
Bericht geplaatst in: artikel